Ik was vijftien en ik had de eerste woordjes Latijn geleerd. De spreuk stond in het Latijnse grammaticaboek: ‘Festina Lente’, vertaald met ‘haast u langzaam’. Hij sprak me meteen aan, deed me denken aan feesten en het voorjaar; en langzaam haasten leek me ook niet verkeerd. Met een soldeerbout brandde ik de tekst in een blokje hardhout. Een blokje dat ik onlangs terug vond in een oude doos op zolder. Op de achterkant had ik met dezelfde soldeerbout de datum gebrand: zeven april 1969.
De spreuk is me nog even dierbaar als vijfenveertig jaar geleden. Vreemd hoe een thema een leven lang meegaat. Toen was het een broodnodig tegengif tegen het calvinistische arbeidsethos wat ik had meegekregen: ‘in het zweet uws aanschijns zult gij uw brood verdienen’ en ‘ledigheid is des duivels oorkussen’. Later las ik gelukkig bij een spiritueel leraar dat ledigheid juist Gods oorkussen was en toen ik zen ontdekte bleek dat stil zitten het beste was wat je kon doen. Genoeg andere geluiden gehoord dus in die vijfenveertig jaar. Toch heb ik het blokje weer op mijn bureau gezet als een reminder. En mijn vrouw deed er nog een schepje bovenop door mij twee T-shirts te schenken met dezelfde tekst en de tekening van een haas die, op een schildpad gezeten, met zijn vinger de weg wijst die de schildpad moet gaan, langzaam.
Nico heeft het beroemde koan verhaal vaak verteld: dat hij met Thich Nhat Hanh naar de Floriade ging. Na een uur stonden ze nog bij het eerste kraampje. Nico opperde voorzichtig dat er nog veel meer moois te zien was op de Floriade. Het antwoord van Thich Nhat Hanh: “Don’t forget to breathe”. Hij had geen schildpad nodig.

Afgelopen weekend waren mijn vrouw en ik een weekendje in Middelburg en in dat Calvinistische Walcheren heb ik een prachtig boek gekocht, geschreven door een jonge vrouw, afkomstig uit één van de kleine dorpen die rond Middelburg liggen. ‘Dorsvloer vol confetti’ van Franca Treur. Het orthodoxe milieu wordt prachtig, liefdevol en met veel humor beschreven. Ik was weer even terug in mijn jeugd aan de rand van de Veluwe, dat andere deel van de ‘bible belt’. Ze beschrijft een boerengezin met zeven kinderen, zes jongens en één meisje. Op een zaterdag in juni ligt het hooi er mooi bij, zo goed als klaar om binnen te halen. De vader besluit om toch nog maar te wachten tot maandag, zodat de zon haar werk kan afmaken; er is immers mooi weer voorspeld. Maar in de loop van de zondag pakken donkere wolken zich samen en regen dreigt. De familie ziet het met lede ogen aan; werken op zondag is immers geen optie. Dus ook al zouden ze de klok willen doordraaien tot het moment dat werken weer een heilige plicht is in plaats van een verbod, ze moeten lijdzaam toezien hoe het perfecte hooi verandert in ‘bedorven schimmelspul dat geen beest wil vreten’.

Verplicht rusten, dat was dan weer de andere kant van de medaille. Het is ook nooit goed. Ook het stil zitten op een kussentje wordt soms een opgave in plaats van alleen maar de ontspanning die het, naar mijn vooringenomen mening, eigenlijk zou moeten zijn. Het is blijkbaar moeilijk om het evenwicht te vinden. De spreuk luidt niet: ‘doe langzaam aan’ en ook niet: ‘haast je’, maar ‘haast je langzaam’. Een grotere paradox is nauwelijks denkbaar. Een paradox die mij doet denken aan de ‘Evening call’, de tekst die tijdens een sesshin iedere avond gereciteerd wordt:
Let me respectfully remind you Life and death are of supreme importance Time swiftly passes by and opportunity is lost Let us awaken, awaken Take heed, do not squander your life

We worden gewaarschuwd dat er kostbare gelegenheid verloren gaat en opgeroepen om ons leven niet te verspillen. De tekst zegt nog net niet: ‘haast u’, maar je voelt wel een enorme urgentie in de woorden. En waar worden we dan toe opgeroepen? Om stil op een kussentje te gaan zitten en niets te doen. Dezelfde paradox. De haas in mij wordt als het ware gemaand om met gezwinde spoed op een schildpad te gaan zitten. En vooral niet vergeten om te ademen.
Festina herfst ……… ik bedoel: geniet van de herfst.
Meindert